Hulpeloosheid, machteloosheid. Het schijnbare individu staat machteloos tegenover de almachtigheid (aiśvaryam), van īśvara.
- anisha
Het is beter om te leven in lijn met god, door je over te geven (tam eva cādyaṁ puruṣaṁ prapadye geheel aan die eerste persoon geef ik me over BG 15.4).
Het is dom om proberen te winnen in en van saṁsāra. Het is namelijk materie die materie exploiteert. Niet meer dan een dodendans. Het bewustzijn dat je werkelijk bent, is gewoon wat het is, en doet niks anders dan in zijn volle glorie stralen.
Het bijeffect is een overmatig geëxploiteerde wereld. Dit gaat tegen dharma in, de universele wetten van goed leven. We hoeven maar op de globale ontwikkelingen te letten om te zien waar dat toe leidt in de mensenwereld.
Toch is en blijft māyā/ īśvara een wonder. Het zal ons consistent en efficiënt de resultaten blijven geven volgens onberispelijke wetten.
Een houding van devotionele liefde tot daar waar kennis, macht en kracht hoort, sublimeert hulpeloosheid en machteloosheid tot liefdevolle bewondering.