Unwavering devotion. As so often in Vedānta, it has two meanings. An implicit absolute, true one: A mind that (spontaneously or not) relentlessly returns to dwelling on its highest aspiration or fact, liberation or freedom. Or an explicit, relative one, as an intermediate step: A mind that (spontaneously or not) returns to devotion to īśvara, which means “considering everything as īśvara,” the divine, both in action (karma yoga) and in meditation (upāsana yoga).
- avyabhicarini bhaktih
In Bhagavad Gītā 13.10 is dit uitgewerkt als mayi ca anandayogena bhaktiḥ avyabhicārinī, prachtig uitgewerkt door Swami Dayananda in zijn boek The Value of Values. Kṛṣṇa zegt tegen Arjuna: (beoefen:) 'niet aflatende, niet afdwalende (avyabhicāriṇī) toewijding (bhakti) tot mij (mayi, bewustzijn met schijnbare eigenschappen, god) door geen andere (ananya) verbondenheid (yoga). Dit is een waarde, een kwalificatie, een opstap voor vrijheid, vertelt door Kṛṣṇa als een serie van twintig waarden die een mind nodig heeft om voorgoed zijn eigen waarheid te kunnen inzien. Degene die alles ziet als een schitterende, enkelvoudige goddelijkheid, is klaar om alles te zien als een eigenschapsloos bewustzijn, middels het kennismiddel.
Voor de geest spontaan de houding van devotie en liefde aanneemt, zal dit getraind moeten worden. We zouden dit liefdes-aandachtstraining kunnen noemen. Liefdes- mindfulness. Liefde waarvoor? Voor alles. Dit is moeilijk als je een hekel hebt aan iets of iemand. Maar het wordt gemakkelijk als je eerst geoefend hebt, alles als god te zien: bewustzijn met eigenschappen (saguṇa brahma). Dan weet je dat de basis van die ander altijd de waarheid is, non-duaal bewustzijn, dan zie je de ander 'als non-duale liefde in schijnbare onwetendheid'. Dan kun je alles zien als jezelf. Dan kun je in barmhartigheid zeggen: 'zij of hij kan het ook niet helpen, ik kijk of hem of haar of de situatie kan verheffen met subtiele input of aanwezigheid'. Bhakti is de kers op de taart, de kroon op het werk, de bonus van het bestaan.
Bhakti is leven in verwondering, in zachtheid. Bhakti is stress-loos, laat staan een toewijding die niet meer afgedwaald is, die spontaan is, die gewoon is als pure zelf-liefde.
De term betekent zoiets als: niet (a-) weg van (vi-) dat waar je naartoe (abhi-) wandelt (√car, van de bhakti, f. die gaande, carin, is: cariṇī, f.). Een toewijding aldus die niet afwijk van zijn aard, en daarmee zijn koers in het leven.