Hoogste goed of doel, ook wel parama śreyas genoemd. Dat wat altijd goed is. Het enige dat is, en dus het enige dat goed is. Dit kan alleen maar vrij, grenzeloze bewustzijn zijn, je ware natuur.
- sreyas
Śreyas, het absolute geluk is dat wat preyas, het relatieve wereldse geluksgevoel mogelijk maakt en omvat. Śreyas is het origineel, en preyas is het gereflecteerde aftreksel hiervan. De voldoening en pleziertjes van preyas zijn ‘geleend’ van śreyas. Hoe zit dat? Als een verlangen bevredigd wordt, stopt de onrust in mijn mind even, is de mind als een heldere spiegel en ervaar ik de gereflecteerde bliss van ānanda, de originele bliss.
De wijze weet dat ware zaligheid nooit in het object kan zitten, en dat de volle joy alleen in de ervaring van oneindigheid, heelheid en volheid van het zijn zelf is.
Preyas zijn de relatieve menselijke (puruṣārtha) wereldse doelen doelen. Dit is artha, bestaanszekerheid. En dit is kāma, plezier, verlangenbevrediging, vrijetijdsbesteding. Dharma. En dit is dharma, goed doen, de wereld verbeteren. Het menselijke doel mokṣa is het streven naar śreyas. Preyas en śreyas sluiten elkaar wederzijds uit, omdat degene die naar de volledige vrijheid van zichzelf streeft, leert dat wereldse doelen mithyā zijn (afhankelijk, tijdelijk en veranderlijk). En śreyas is paramārthika satya, de onafhankelijke waarheid van alles, voorbij (para) alle doelen (ārthika).
Ze kunnen niet gelijktijdig worden gevolgd, maar alleen opeenvolgend, aangezien śreyas is geassocieerd met vidyā, kennis en preyas met avidyā (onwetendheid).
Voor discipelen van vedānta is het de kunst en uitdaging dit hoogste doel te erkennen, en niet steeds te vallen voor relatieve doelen als veiligheid, verlangen en goed handelen. Deze betrekkelijke doelen maken ons actief, om uit het gevoel van bekrompenheid te komen. De mind valt op objecten, en we leveren ons uit aan saṁsāra. En dan moeten we weer van een koude kermis thuiskomen. Als alles mag wijken voor het hoogste doel, kan men snel groeien naar vrijheid via zelfkennis.