Wanneer het object van misvatting (adhyāsa) verdwijnt uit iemands beleving, nadat het juiste oordeel heeft plaatsgevonden, wordt dit nirupādhika adhyāsa genoemd.
- nirupadhika adhyasa
De upādhi (iets dat schijnbaar zijn eigenschappen overdraagt op de drager, de upahita) verdwijnt (nir-) als het ware.
Bijvoorbeeld, een touw wordt verward met een slang. Wanneer ik erachter kom dat het een touw is, verdwijnt de slang. Dit type fout wordt nirupādhika genoemd, omdat de upādhi verdwijnt (nir) wanneer het juiste oordeel plaatsvindt. De slang, die alleen prātibhāsika satyam is, subjectief echt, kan niet blijven bestaan als het touw bekend is.
Dit soort fouten worden dus gemaakt vanuit een subjectieve beleving (prātibhāsika satyam) van de werkelijkheid. Omdat ik angstig ben aangelegd, zie ik gedaanten in de schemer van mijn kamer, of ik zie in het bos een stronk aan voor een belager (sthāṇu puruṣa nyāya).
Andersom geldt het ook: Als ik bijvoorbeeld verlangend ben naar liefde, of verlangend naar het concert van een idool, zie ik andere mensen als objecten die mij gelukkig gaan maken. Maar ik kan alleen maar waarlijk content zijn met mijzelf als het geheel van liefde.
Net zo beleef ik de wereld als echt en onveilig. Eerst zal ik de subjectieve fouten (nirupādhika adhyāsa) moeten oplossen, en zien dat de wereld een neutraal goddelijk veld is. Dan, als mijn voor- en afkeren zijn geneutraliseerd, ben ik klaar de kennisfout (jñāna adhyāsa) op te lossen. Dan is mijn mind ontvankelijk genoeg om te weten, dat alles slechts een manifestatie, uitdrukking van het substraat bewustzijn is.
De objecten zullen blijven verschijnen, als een mirage in de woestijn (sa, met upādhika, sopādhika), maar ik weet met mijn kennis, dat ze niet echt zijn, maar slechts een tijdelijke verschijning van bewustzijn. Sopādhika adhyāsa en jñāna adhyāsa zijn hetzelfde type fout.
Weten brahman te zijn, en wat dat betekent (satya), en de status (mithyā) van alle namen en vormen, alle verschijningen, fenomenen, gedachten en gevoelen, kortom alle objecten kennen heet sopādhika, omdat vrijheid zijn, niet betekent dat de wereld niet meer blijft verschijnen.