Lokatie. Plaats. Plaats waar een wezen kan zijn, bepaald door het karma van het wezen. Dit kan zowel fysiek als cognitief zijn (waar zit je met je gedachten?).
- loka
Het betekent in het bijzonder: mentale plaats in het intelligente veld. Je bent niet meer of minder dan je gedachten. Op welk niveau van lijden en geluk bevinden zich de gedachten die zich aan mij presenteren. Op welk niveau tussen onwetendheid en kennis bevinden zich gedachten in de geest?
Karmisch gesproken is een loka de plaats waar het subtiele lichaam zich opnieuw manifesteert, na de dood van een vorig lichaam. De Vedische manier om ernaar te kijken is als volgt: Van de veertien tijdelijke verblijfplaatsen, loka's, zijn er zeven lager. Deze worden vormen van de hel (naraka) genoemd. Ze staan alleen de ervaring van lijden toe, maar staan geen doenerschap toe en zijn alleen bedoeld voor de uitputting van pāpa, het resultaat van slecht karma. De zeven hogere loka's zijn vormen van de hemel (svarga). Behalve de aarde, staan ze ook alleen ervaring toe in de vorm van genieterschap, niet doenerschap, en zijn ze alleen bedoeld voor de uitputting van puṇya.
Dit wordt zo uitgedrukt, omdat je niet kan ontkomen aan de gevolgen van oorzakelijke actie. Dit is gewoon een wetmatigheid, ook voor de schijnbare verlichte persoon. Het enige verschil is dat de verlichte ziet dat het hele veld van oorzaak en gevolg mithyā (afhankelijk echt, niet waarlijk echt) is.
De aarde, bhū lokaḥ, ons speelveld, is een uitzonderlijke loka(tie). Het is de enige plek waar mensen een keuze hebben, met vrije wil, doenerschap en genieterschap. Het is het keerpunt in de loka's, het punt waar verandering plaatsvindt (vandaar de naam bhū, worden). Het is de plek waar puṇya en pāpa kunnen worden verkregen (en uitgeput) en waar mokṣa kan worden bereikt, door het juiste gebruik van het gevoel van vrije wil en keuze. Eigenlijk kan zuivere vrije wil alleen worden toegepast door uit de schijnbare realiteit te stappen en door mezelf te realiseren als zuiver bewustzijn. Omdat een persoon hier zijn intellect en vrije wil gebruikt, doe ik dit door mijn geest bloot te stellen aan kennis. Op het gebied van co-afhankelijkheid van māyā-īśvara kan er geen vrije wil zijn omdat het één (systeem) is, waarin alles op elkaar inwerkt en elkaar beïnvloedt.
De hemelen en hellen zijn een beetje een vereenvoudigd systeem. In werkelijkheid zijn deze situaties met elkaar verweven en zijn de typen hel en hemel simpelweg de karmische resultaten die iemand psychisch doormaakt.
Bhū lokaḥ biedt de unieke mogelijkheid voor jīvan mukta, vrijheid van de persoon. Dit wordt bereikt door het besef (kennis) dat ik als bewustzijn vrij ben van de jīva, hier en nu in dit leven. Daarom wordt gezegd dat een denkend persoon goed karma heeft in het aardse leven.
Als er na de dood onvoldoende puṇya of pāpa is om tijd te verdienen of verliezen in (respectievelijk) svarga of naraka, blijft de jīva in een soort ongemanifesteerde staat als diepe slaap tot de volgende geboorte. Herinneringen worden uitsluitend geassocieerd met het vorige fysieke lichaam en blijven niet bestaan na de dood van het lichaam (behalve in zeer zeldzame gevallen). Vāsana's, indrukken, neigingen, voorkeuren, afkeer, psychische constituties etc. reizen echter wel door. Karma zal zichzelf verder uitwerken in een nieuwe situatie.
De zeven hogere loka's beginnen met deze aarde, bhū, en zijn in oplopende volgorde bhū, bhuva, suva of svaha, maha, jana, tapa, waarbij satya (ook bekend als brahma-lokaḥ) de hoogste is. In aflopende volgorde zijn de zeven lagere: atala, vitala, sutala, talātala, rasātala, mahātala, waarbij pātāla de laagste van allemaal is. De hoogste van de zeven hemelen, satya loka, wordt ook brahma loka genoemd. Extreem moeilijk te bereiken, en er wordt gezegd dat Brahmaji je daar de waarheid leert, zodat je daar vrijgesteld wordt. Vedānta zegt: Waarom zoveel moeite doen, als je hier en nu mokṣa (sadyomukti) kunt bereiken?