In werkelijk schijnt er maar één licht (geen fysisch licht), dat licht op de mind doet schijnen, dat licht op de zintuigen doet schijnen, dat de wereld doet oplichten. Dat licht is het licht van mijzelf, cit, bewustzijn.
Een belangrijk voorbeeld waar we mee te maken hebben van anubhāti is cidābhāsa. Dat wat oplicht in de mind is gereflecteerd licht, dat niets anders is dan het originele licht van bewustzijn met de upādhi (iets dat schijnbaar zijn eigenschappen lijkt over te dragen op zijn drager) van een mind erin. Net zo de wereld. Bewustzijn, ik, schijn en de wereld schijnt na mij (anubhāti). Hoe kan het ook anders. De wereld moet altijd aanwezig zijn. De Stichting en Website van James Swartz, heet daarom zo mooi Shining World.
- anubhati
Schijnt na. Een afhankelijke lichtbron die alleen schijnt door licht dat erop geprojecteerd wordt te reflecteren, bijvoorbeeld de maan die schijnt bij de gratie van de zon, de bron van het originele licht.