Afwezigheid van intense gehechtheid aan zaken die zeer dierbaar zijn, zoals kind, partner of huisvesting. Sterke gehechtheid komt door emotionele afhankelijkheid, die weer veroorzaakt wordt door onveiligheid, angst voor eenzaamheid etc. Intense gehechtheid, met alle zorgen en verwarring van dien, leidt sterk af van effectief zelfonderzoek.
- anabhisvanga
Het is volstrekt mogelijk om in liefde te zijn en onafhankelijk. Sterker nog, degene die onafhankelijk (in) liefde is, zal alles liefhebben, en niet selectief alleen zijn eigen clan, kring of bezit.
ṣvaṅga in het woord anabhiṣvaṅga staat voor het vastklampen aan het dierbare en er emotioneel mee verstrengeld zijn. An- is de ontkenning ervan. Abhi drukt een intensivering, een naar de verkleving toe gaan, uit.
Hier zit de angel van veel menselijke, wereldlijke problematiek. Mensen zijn gericht op hun eigen groep, en scheiden zich daarmee af voor het vreemde, met alle xenofobie en vijandigheid die daarbij komt kijken. De actualiteit in de wereld zegt daarbij genoeg.
Wat betreft de voorbereiding op vrijheid. Gehechtheid aan zoon (putra) of dochter (putrī), echtgenote (dāra) of echtgenoot (pati) of huis (gṛha), zoals genoemd in bhagavad-gītā 13.10 (anabhiṣvaṅgaḥ putra dāra gṛhādiṣu), staat focus op de oneindige liefde van mijzelf op een bepaalde manier in de weg. Ik moet mijn dharmische plicht doen, en dus braaf zorgen voor waar ik karmisch voor moet zorgen. Maar voor zuiver zelfonderzoek, zal ik goed moeten kijken naar de bron van zorgen die bezit, ouderschap of partnerschap vaak oproept. Dit zijn sterke krachten in de zelf-onderzoeker. Zorgen zijn altijd onterecht, want īśvara zorgt overal voor. Vaak verstoren we alleen maar de kans van de ander (de dierbare in dit geval) op zelfzorg, op uiteindelijke weg naar vrijheid.