Herinnerd (van Sanskriet wortel smṛ). Wat is herinnerd? De teksten van de śruti (wat gehoord is), met daarin de opbouw en inhoud van de teaching die leidt tot de zelfkennis die tot vrijheid leidt.
- smrti
De smṛti van belang voor Vedānta is de Bhagavad Gītā, geschreven door een mens, in dit geval Vyasa, waarin de hele teaching van de upanisads gestructureerd is opgezet. In de Bhagavad Gītā staan genoeg passages die rechtstreeks zijn terug te leiden tot de upaniṣads. Maar soms wordt in vedānta ook geciteerd uit smṛti als de Manu Smṛti, een Dharmaśāstra of uit de bijbel van devotie Śrimad Bhagavatam (ook wel Bhāgavata Purāṇa geheten).
Drie kenmerken:
- Smṛti-teksten zijn geschreven door wijze mensen, in tegenstelling tot śruti, die als goddelijk wordt beschouwd.
- Smṛti past zich aan aan veranderende tijden en omstandigheden, waardoor het relevant blijft voor de maatschappij.
- Smṛti worden gerespecteerd, maar de śruti (zoals de Veda's en Upaniṣads) hebben altijd de hoogste autoriteit. Als er een conflict is, prevaleert de śruti.Wat is śruti? Een naam voor de heilige kennis van de veda's, die gezien is door rṣi's in hun heldere mind, en die mondeling is doorgegeven van generatie op generatie. Vandaar letterlijk: dat wat gehoord is. Een naam voor de veda śāstram die de nadruk legt op het behoud en de overdracht ervan door middel van zorgvuldig luisteren via de leraar-student-lijn, karṇa paramparā (karṇa betekent oor, paramparā lineage). Luisteren heeft het doel om te onderzoeken en te begrijpen. Alleen in volledig begrip is de śruti op de juiste manier gehoord. Alleen de śruti op de juiste manier gedoceerd door een gekwalificeerde guru verwijdert de onwetendheid, waarna mokṣa vrij kan stralen.
De hele śabda pramāṇa is hiervan afgeleidt, in de loop der eeuwen onstaan door de uitwerking in smṛti en prakaraṇa grantha.
Het kenmerk van śruti is dat ze worden beschouwd als tijdloos en niet door mensen gemaakt (apauruṣeya).
Nog weer later hebben grote geesten als Gaudapada, met name Ādi Śaṅkara Bhagavatpāda, Vidyaranya en Sadānanda, en vele anderen onderwijsboeken geschreven, de zogenaamde prakaraṇa grantha, bedoeld om het kennismiddel efficient en effectief te doceren. De ene keer zijn deze wat technischer van aard (Vedāntasara van Sadānanda), soms een combinatie van poëtisch en didactisch (ātma bodha, Śaṅkara).
We hebben dus śruti, smṛti en prakaraṇa grantha als tekstboeken. De upaniṣads vallen als onderdeel van de veda's onder śruti.